Een bedrijf met vijfentwintig man. Geen IT-afdeling, geen security-officer, gewoon mensen die hun werk doen. En die mensen gebruiken AI. De ene laat ChatGPT een offerte netter formuleren, de andere vat een klantgesprek samen, een derde laat een lastige mail herschrijven. Niemand heeft het ze opgedragen, en niemand heeft het verboden.
Als directeur weet je dat dit gebeurt. Je weet ook dat er weleens klantgegevens in zo'n tool belanden. Maar het voelt te groot om aan te pakken: AI-beleid, frameworks, een heel traject. Dus blijft het liggen.
Goed nieuws: het hoeft helemaal niet groot te zijn.
Je hebt geen groot AI-programma nodig
De meeste adviezen over veilig AI-gebruik zijn geschreven voor grote organisaties, met een securityteam en budget voor uitgebreide trajecten. Voor het MKB werkt dat zelden. Je hebt die tijd en die mensen niet, en dat hoef je ook niet te hebben.
Wat je wél nodig hebt, is iets praktisch dat werkt met de tools die je mensen al gebruiken. Niet een dik beleidsdocument dat in een map verdwijnt, maar hulp op het moment dat het misgaat. Dat is geen klein compromis. Voor een MKB is het juist de beste aanpak.
Het risico is klein gedrag, geen grote aanval
Het beeld bij "datalek" is vaak een hacker. Maar in de praktijk gaat het bijna nooit zo. Het gaat om alledaagse haast: een collega die snel een klantdossier in ChatGPT plakt om een samenvatting te maken, met naam, telefoonnummer en al erin. Geen kwade wil, gewoon druk.
En het gebeurt vaker dan je denkt. Juist in kleine bedrijven loopt AI-gebruik vaak via gratis tools op privé-accounts, zonder dat iemand het bijhoudt. Eén zo'n moment, met de verkeerde gegevens, kan een datalek zijn dat je moet melden. Voor een groot bedrijf is dat vervelend. Voor een klein bedrijf kan het hard aankomen.
De goede vraag is dus niet "hebben wij een AI-probleem", maar "zou ik het zien als het misging". En dat is precies wat je praktisch kunt regelen.
Zo maak je het praktisch
BeeSensible is geen systeem dat je moet beheren. Het is een laag in de browser, op de plek waar je mensen toch al werken. Zo ziet het er in de praktijk uit.
Iemand typt of plakt iets in ChatGPT, een e-mail of een andere webapp. Terwijl dat gebeurt, herkent BeeSensible gevoelige gegevens: een naam met een klantnummer, een IBAN, een BSN, een telefoonnummer. Die worden vóór verzending zichtbaar gemarkeerd, nog voordat er op verzenden is gedrukt.
De medewerker beslist dan zelf: weghalen, vervangen door een placeholder, of toch versturen. Het blokkeert niets en het verandert niets aan de tekst zonder dat de gebruiker dat wil. Het maakt alleen zichtbaar wat er staat. De tekst gaat naar de EU-detectiedienst van BeeSensible, waar de analyse in het werkgeheugen draait en de tekst na detectie wordt weggegooid. Er wordt niets van opgeslagen.
Zo ziet dat eruit op het moment dat iemand klantdata in een AI-tool plakt:
Outlook