Grip op AI
Blog
Compliance en AI 6 min leestijd

AI-geletterdheid binnen gemeenten: wie moet wat kunnen?

Artikel 4 van de AI-verordening vraagt van een gemeente maatregelen voor een toereikend niveau van AI-geletterdheid. Wat toereikend betekent voor de balie, de beleidsadviseur, de jeugdconsulent, IT en het bestuur, en hoe je het aantoont.

Abstracte rivier door terrassen
Snel antwoord

Artikel 4 van de AI-verordening vraagt van een gemeente, als gebruiksverantwoordelijke, maatregelen voor een toereikend niveau van AI-geletterdheid bij iedereen die namens haar AI gebruikt, ook inhuur. Wat toereikend is verschilt per rol: een baliemedewerker moet weten welke tools mogen en welke gegevens er nooit in horen, een jeugdconsulent dat dossierwerk in geen enkele niet-goedgekeurde tool thuishoort, een beleidsadviseur dat een antwoord met bronnen gecontroleerd moet worden, IT welke tools in gebruik zijn en met welke status, en het bestuur dat het de besluiten neemt en uitlegt. Aantonen doe je met drie dingen: wat per rol is bepaald, wat daarmee is gedaan, en wat er op het werkmoment gebeurt.

01

Een gemeente is gebruiksverantwoordelijke zodra medewerkers een AI-tool voor het werk gebruiken, en artikel 4 geldt dan

02

Toereikend is een norm per rol, niet één training voor het hele gemeentehuis

03

De balie, het sociaal domein en beleid gebruiken AI voor ander werk met andere gegevens, dus de uitleg verschilt

04

Sommige toepassingen bij gemeenten kunnen onder hoog risico vallen; dat is een beoordeling per systeem, niet per tool

05

Aantonen vraagt een register, de uitleg per rol, het besluit op het werkmoment en geaggregeerde cijfers

In het managementteam van een gemeente vraagt de gemeentesecretaris of AI-geletterdheid is geregeld. De CISO wijst op de lunchlezing van het voorjaar: 140 deelnemers, een presentatie over Copilot, en de afspraak dat er geen persoonsgegevens in gratis tools gaan. Daarna wordt het stil, want niemand weet zeker of dat genoeg is voor een jeugdconsulent die gesprekken laat uitwerken door een transcriptietool.

Het antwoord is: het hangt af van de rol. Artikel 4 van de AI-verordening vraagt van een gemeente maatregelen voor een toereikend niveau van AI-geletterdheid bij iedereen die namens haar AI gebruikt. Toereikend voor de balie is iets anders dan toereikend voor het sociaal domein, en één lezing voor het hele gemeentehuis dekt dat verschil niet. Wat artikel 4 in het algemeen vraagt, staat in AI-geletterdheid in 2026.

Wanneer geldt artikel 4 voor een gemeente?

Zodra medewerkers een AI-systeem gebruiken voor het werk. De verordening richt zich tot aanbieders en gebruiksverantwoordelijken, en een gemeente waar mensen Copilot, een chatbot of een transcriptietool gebruiken, is gebruiksverantwoordelijke. Of de gemeente die tools zelf heeft ingekocht, maakt daarvoor niet uit. De tekst staat in Verordening (EU) 2024/1689, artikel 4, met de definitie van AI-geletterdheid in artikel 3.

"Namens hen" reikt verder dan de loonlijst. Een gemeente werkt met inhuur, met een gemeenschappelijke regeling voor het sociaal domein, met een extern bureau dat de communicatie doet. Wie namens de gemeente een AI-systeem gebruikt, valt onder de maatregelen, ook zonder aanstelling.

Er staat geen training in artikel 4, geen certificaat en geen aantal uren. De Europese Commissie heeft in haar vragen en antwoorden over AI-geletterdheid bevestigd dat een certificaat niet vereist is en dat een organisatie haar eigen maatregelen mag vastleggen. Toezicht ligt sinds augustus 2026 bij nationale toezichthouders; hoe dat in Nederland precies wordt verdeeld, ligt met de Uitvoeringswet AI-verordening nog niet definitief vast.

Waarom verschilt het per rol bij een gemeente?

Omdat het werk verschilt, en de gegevens die erin omgaan ook. Een baliemedewerker maakt een mail begrijpelijker, een beleidsadviseur laat onderzoek doen met bronnen, een jeugdconsulent zit met gespreksverslagen over gezinnen, en de gemeentesecretaris moet het besluit per tool kunnen uitleggen aan de raad.

RolWat toereikend betekentWat je vastlegt
Baliemedewerker, KCCWelke tools mogen, dat BSN en dossierinhoud in geen prompt horen, en dat een antwoord wordt gecontroleerd voordat het naar een inwoner gaatDe uitleg die deze groep kreeg, en het besluit per tool
Beleidsadviseur, communicatieDat een antwoord met bronnen nog steeds bronnen zijn die je zelf opent, en dat een casus van een inwoner geen voorbeeld is voor een promptIdem, plus de voorwaarde bij tools voor onderzoek
Jeugdconsulent, Wmo, schuldhulpDat dossierwerk in geen enkele niet-goedgekeurde tool hoort, ook niet zonder naam, en welke route er wel isDe instructie voor het sociaal domein en wie erop is ingewerkt
IT, CISO, FGWelke tools in gebruik zijn, wat de status is, hoe je een tool beoordeelt en hoe het besluit medewerkers bereiktHet register, de beoordelingsvragen en de besluiten
Bestuur, gemeentesecretaris, MTDat de gemeente beslist en niet de leverancier, welke toepassingen mogelijk hoog risico zijn, en wie wat heeft beslotenHet beleid, de besluiten en de datum ervan

Voor de meeste medewerkers zit het in de eerste twee rijen, en daar is de uitleg kort. Wat een gemeentemedewerker wel en niet in een prompt zet, per taak, staat in ChatGPT en persoonsgegevens bij gemeenten.

Wanneer wordt het meer dan uitleg?

Als AI wordt gebruikt bij een besluit over een inwoner. Bijlage III van de verordening noemt onder meer AI-systemen die overheden gebruiken om te beoordelen of iemand recht heeft op uitkeringen en overheidsdiensten. Een chatbot die een brief herschrijft valt daar niet onder. Een systeem dat aanvragen voorsorteert of fraudesignalen geeft, mogelijk wel. Of een concrete toepassing hoog risico is, is een beoordeling per systeem en per gebruik, en die beoordeling is van de gemeente, niet van de leverancier. Hoe je die maakt staat in wanneer is een AI-toepassing hoog risico.

Wie met zo'n systeem werkt, moet begrijpen hoe het tot een uitkomst komt, wat het mist, en wanneer je ervan afwijkt. Dat is ook de plek waar het Algoritmeregister van de overheid een rol speelt: de Rijksoverheid vraagt overheidsorganisaties om impactvolle algoritmes daar openbaar te beschrijven, en de uitleg aan medewerkers hoort bij die beschrijving te passen. Het dagelijkse AI-gebruik met chatbots en transcriptie staat daar niet in, en heeft dus een eigen, intern register nodig.

Hoe ziet dat eruit in een gemeente?

De gemeente uit de eerste alinea zoekt na het MT uit wat er in gebruik is. Naast Copilot blijken Perplexity, ChatGPT en drie gespecialiseerde tools te draaien, waaronder een transcriptietool die twee jeugdteams al maanden gebruiken voor gesprekken met gezinnen. Over die tool is nooit een besluit genomen, en de lunchlezing ging er niet over, want in het voorjaar wist niemand dat hij bestond.

Dat is geen bewijs dat de lezing mislukte. Ze legde uit wat er in mei bekend was; het werk ging door met tools die niemand toen als AI herkende. Het laat wel zien wat een lezing niet kan: aanwezig zijn op het moment dat een consulent een opname start.

De gemeente doet daarna drie dingen. Ze neemt een besluit over de transcriptietool, na een blik op de leverancier, de verwerkingslocatie en de voorwaarden. Ze schrijft voor het sociaal domein een eigen, kortere instructie. En ze zorgt dat wie een AI-tool opent, het besluit erover op dat moment te zien krijgt, met het goedgekeurde alternatief erbij.

Hoe toon je het aan?

Met drie soorten bewijs. De uitleg per rol en wie die kreeg, laat zien dat je mensen hebt verteld wat ze moeten weten. Het register en de besluiten laten zien wat er is beslist. En de cijfers over wat er op het werkmoment gebeurt, laten zien of dat besluit de werkdag heeft bereikt. Welke van de drie een auditor het zwaarst weegt, en wat je eerlijk "niet onderbouwd" noemt, staat in hoe toon je AI-geletterdheid aan.

Dat derde soort bewijs is wat een presentielijst mist. Een melding die verschijnt als iemand een tool opent, kan worden geteld met wat de persoon deed: het alternatief geopend of toch doorgegaan. Een markering van een BSN in een prompt kan worden geteld met de afloop: vervangen, gemaskeerd, verwijderd of toch verzonden. In aantallen, zonder wie het was.

Detections over timeLast 30 days
12,438+18% vs the previous period
Detections by platform
ChatGPT
ChatGPT
78% adjusted
8,124
Gmail
81% adjusted
3,210
Gemini
74% adjusted
812
Most encountered data types
Name
4,212
Email address
2,930
Credit card
1,486
Account number
1,104
Diagnosis
612
SensitiveHighly sensitive
BeeSensible-dashboard: geaggregeerde detecties en topbronnen, zonder individuele medewerkers te volgen.

BeeSensible koppelt een catalogus van AI-tools aan het gebruik dat in de gemeente wordt waargenomen, laat het besluit per tool in de browser zien op het moment dat iemand die tool opent, en markeert gevoelige gegevens terwijl iemand typt, in de tools waarin mensen al werken. De cijfers over wat er daarna gebeurt zijn geaggregeerd en bevatten geen gebruikers-id. Wat de AI-toolsmodule precies vastlegt, staat op de productpagina.

Wie pakt het op?

De gemeente als geheel, met het college als eindverantwoordelijke; de verordening wijst geen afdeling aan. In de praktijk draagt HR de uitleg per rol, IT het register en de weg van het besluit naar de medewerker, de CISO de aansluiting op de BIO, en de FG adviseert en toetst zonder eigenaar te zijn. Hoe die verdeling werkt en waarom "de FG doet het" niet klopt, staat in wie is verantwoordelijk voor AI-geletterdheid. Waar de BIO en AI-gebruik elkaar raken, staat in BIO en NEN 7510: AI en privacy in overheid en zorg, en de andere stukken over dit onderwerp bij AI-governance.

De gemeentesecretaris stelt in het volgende MT een andere vraag: niet of AI-geletterdheid is geregeld, maar wat de jeugdconsulent, de baliemedewerker en de beleidsadviseur elk moeten weten, en of dat terugkomt op het moment dat ze een tool openen.

FAQ

Veelgestelde vragen

Geldt artikel 4 van de AI-verordening voor gemeenten?

Ja. Artikel 4 richt zich tot aanbieders en gebruiksverantwoordelijken van AI-systemen, en een gemeente waar medewerkers Copilot of een chatbot voor het werk gebruiken, is gebruiksverantwoordelijke. De verplichting is om maatregelen te nemen voor een toereikend niveau van AI-geletterdheid bij personeel en anderen die namens de gemeente AI gebruiken, afgestemd op hun kennis, ervaring en de context van het gebruik.

Moet elke gemeentemedewerker een AI-training volgen?

Nee. De verordening schrijft geen training, certificaat of aantal uren voor. Wie in het werk geen AI gebruikt, hoeft weinig te weten. Wie een chatbot gebruikt voor brieven, moet weten welke tools mogen en welke gegevens er niet in horen. Wie AI inzet bij besluiten over inwoners, moet begrijpen hoe het systeem tot een uitkomst komt. De maatregel volgt de rol.

Wat moet een baliemedewerker weten over AI?

Drie dingen: welke tools de gemeente heeft toegestaan, dat BSN, uitkeringsgegevens en dossierinhoud in geen enkele prompt horen, en dat een antwoord van een AI-tool gecontroleerd wordt voordat het naar een inwoner gaat. Dat is in een uur uit te leggen. Het lastige is niet de kennis, maar dat die kennis er ook is als het om half vijf druk is.

Is AI bij een gemeente hoog risico onder de AI-verordening?

Niet vanzelf. Bijlage III noemt onder meer AI die wordt gebruikt bij het beoordelen of iemand recht heeft op overheidsuitkeringen en -diensten. Een chatbot die een brief herschrijft valt daar niet onder; een systeem dat aanvragen beoordeelt mogelijk wel. Dat is een beoordeling per systeem en per gebruik, en de verantwoordelijkheid daarvoor ligt bij de gemeente, niet bij de leverancier van de tool.

Hoe toont een gemeente AI-geletterdheid aan?

Met vastlegging, niet met een certificaat. Welke tools in gebruik zijn en met welke status, wat per rol is bepaald en uitgelegd, hoe het besluit per tool de medewerker bereikt op het moment dat ze de tool opent, en geaggregeerde cijfers over wat er daarna gebeurt. De Europese Commissie schrijft dat een certificaat niet vereist is en dat eigen vastlegging volstaat.

Portret van Rens Timmermans van BeeSensible

Liever iemand die het laat zien?

Rens, BeeSensible

Ik geef je graag een rondleiding van twintig minuten. Laat je gegevens achter, dan zoek ik een moment dat jou uitkomt. Bellen of mailen mag natuurlijk ook.

Liever eerst iemand spreken? Plan een call.

Wil je een live demo, of een offerte voor 100+ gebruikers? Laat je gegevens achter en we nemen binnen één werkdag contact op.