Grip op AI
Blog
Compliance en AI 5 min leestijd

Moet iedere medewerker een AI-training volgen?

Artikel 4 vraagt maatregelen per rol en context, niet één cursus voor iedereen. Wat voor elke medewerker geldt, wat per rol verschilt en wat erbij hoort.

Abstracte skyline in mist, blauwgroen en zand
Snel antwoord

In elk geval niet dezelfde training. Artikel 4 van de AI-verordening vraagt maatregelen voor een toereikend niveau van AI-geletterdheid, afgestemd op de kennis, ervaring en context van wie namens de organisatie AI gebruikt. Voor de meeste medewerkers volstaat een korte basisuitleg: welke tools mogen, welke gegevens niet in een prompt horen en dat je een antwoord moet controleren. Wie AI inzet bij besluiten over mensen, of wie AI-tools beoordeelt, heeft meer nodig.

01

Breng in kaart welke groepen in je organisatie AI gebruiken, en waarvoor

02

Geef iedereen die AI gebruikt dezelfde korte basis, bijvoorbeeld een kwartier in het werkoverleg

03

Geef wie AI inzet bij besluiten over mensen een instructie per systeem, van iemand die het systeem kent

04

Zorg dat het besluit per tool ook terug te vinden is op het moment dat iemand de tool opent

05

Leg per rol vast wat mensen kregen en wanneer; een certificaat is niet nodig

Een teamleider bij een ingenieursbureau krijgt een uitnodiging in de agenda: "AI Act-training", twee uur, verplicht voor alle medewerkers. In zijn team van veertig gebruiken dertig mensen Copilot voor mails en verslagen, vier collega's van inkoop beoordelen leveranciers, en twee mensen bij werving zijn net gaan werken met een tool die sollicitaties voorsorteert. Hij vraagt zich af of die drie groepen wel in dezelfde twee uur passen.

Dat hoeft niet, en de wet vraagt het ook niet. Artikel 4 van de AI-verordening vraagt om maatregelen voor een toereikend niveau van AI-geletterdheid, afgestemd op kennis, ervaring en de context waarin iemand AI gebruikt. Eén cursus voor iedereen is één manier om dat in te vullen, maar niet de maatstaf. Wat er precies in artikel 4 staat en wie erop toeziet, lees je in AI-geletterdheid in 2026. Dit stuk gaat over de vraag die daarna komt: wie heeft wat nodig?

Wat vraagt artikel 4 van een team?

De bepaling richt zich tot de organisatie, niet tot de individuele medewerker. De werkgever neemt de maatregelen en houdt daarbij rekening met wat mensen al weten, wat ze doen en op wie het systeem wordt toegepast. De Digital Omnibus van juli 2026 maakte er een inspanningsverplichting van: maatregelen nemen die de ontwikkeling van AI-geletterdheid ondersteunen.

De kern zit in het woord "afgestemd". Een medewerker die een chatbot gebruikt om een verslag leesbaarder te maken, hoeft niet te begrijpen hoe een taalmodel wordt getraind. Iemand die met een systeem sollicitanten voorsorteert, moet wel begrijpen wat dat systeem meeweegt en wanneer afwijken nodig is. Dezelfde training voor beiden is voor de eerste te veel en voor de tweede te weinig.

Wat geldt dan wel voor iedereen die AI gebruikt?

Drie dingen, en ze passen op één pagina.

Welke tools de organisatie heeft toegestaan, welke niet en waar je dat nakijkt. Welke gegevens niet in een prompt horen: persoonsgegevens van klanten en collega's, vertrouwelijke stukken, alles wat onder een geheimhoudingsplicht valt. En dat een AI-antwoord een concept is dat iemand controleert voordat het de deur uit gaat. Wat er wel en niet in een prompt kan, staat uitgewerkt in onze gids over wat je met AI mag delen.

Die basis heeft iedereen nodig die met AI werkt, ook inhuurkrachten die met de systemen van de organisatie werken. Artikel 4 spreekt over personeel en andere personen die namens de organisatie AI-systemen gebruiken. Wie alleen een rekenmachine en de telefoon gebruikt, valt er strikt genomen buiten. In de praktijk zit er in steeds meer gewone software AI, dus een korte basisuitleg voor de hele organisatie is het eenvoudigst.

Wie heeft meer nodig dan de basis?

Drie groepen komen in bijna elke organisatie voor.

GroepWat erbij komtWelke vorm past
Gebruikt een chatbot voor tekstwerk (de meeste mensen)Niets boven de basisKorte uitleg, en het besluit per tool zichtbaar tijdens het werk
Gebruikt AI bij besluiten over mensen (werving, beoordeling, klantacceptatie, zorg)Hoe het systeem tot een uitkomst komt, wat het mist, wanneer afwijken nodig is, wie toezicht houdtInstructie per systeem, gegeven door iemand die het systeem kent
Beoordeelt of koopt AI-tools in (IT, inkoop, privacy)Leverancier, vestigingsland, trainingsbeleid, verwerkersovereenkomst, risicoEen vragenlijst en het register van beoordeelde tools
Stelt het beleid vast (directie, teamleiding)De status van elke tool, de grens tussen wat wel en niet mag, de eigen verantwoordelijkheidHet beleid zelf en de besluiten die erin staan

De tweede rij weegt het zwaarst, en daar zegt de AI-verordening ook het meest over. AI voor werving, beoordeling, promotie of ontslag staat in bijlage III als toepassing met een hoog risico, en daar horen vanaf 2 december 2027 de plichten van artikel 26 bij, waaronder menselijk toezicht door mensen met de kennis en de bevoegdheid om in te grijpen. Wie dat toezicht houdt, moet het systeem kennen. Dat regel je niet met een algemene cursus; dat regel je per systeem. Wat er voor die groep verder bij komt, staat in ons artikel over wat de AI-verordening voor werkgevers betekent.

Hoe ziet dat eruit in het team van veertig?

Terug naar het ingenieursbureau. De teamleider legt de uitnodiging naast zijn eigen lijstje. De dertig Copilot-gebruikers krijgen de basis: een kwartier in het werkoverleg, de lijst met toegestane tools en de afspraak over klantgegevens. De vier inkopers krijgen de vragenlijst waarmee het bureau tools beoordeelt, en lopen die één keer samen door met de privacyfunctionaris. De twee collega's bij werving krijgen iets anders: een instructie van de leverancier over wat de voorsorteertool meeweegt, en de afspraak dat een mens elke afwijzing bekijkt.

Twee maanden later blijkt bij een inventarisatie dat naast Copilot ook ChatGPT en een transcriptietool voor vergaderingen in gebruik zijn. Over de transcriptietool is nooit besloten. Dat is geen bewijs dat de uitleg mislukte. Het laat zien dat de lijst met toegestane tools van het werkoverleg al achterloopt, en dat er naast de basisuitleg een plek moet zijn waar mensen het besluit kunnen nakijken op het moment dat ze twijfelen.

Hoe neemt iemand de uitleg mee naar het werk?

De uitleg legt de basis. Daarna komt het werk, met een deadline, een nieuwe tool of een tekst waarin één gevoelig gegeven makkelijk over het hoofd te zien is. Hoe training en ondersteuning elkaar daar aanvullen, lees je in ons artikel over de stap van AI-training naar zorgvuldig handelen tijdens het werk.

Voor artikel 4 gaat de basisuitleg daarom goed samen met een besluit dat terugkomt op het moment dat iemand een AI-tool opent: over deze tool is dit besloten, dit is het goedgekeurde alternatief, en gevoelige gegevens in je tekst krijgen een markering voordat je verstuurt. Wie twijfelt, kan het besluit dan zelf nakijken, en de teamleider hoeft de lijst niet elke maand opnieuw rond te sturen.

AI-register
ToegestaanIn beoordelingNiet toegestaanAlle tools
Zoek op tool, leverancier, domein of oude naam…
1.012 tools
DeepSeek
Kritiek · 90/100
Niet toegestaan
Otter.aiNieuw
Hoog · 68/100
Nog geen besluit
Grok
Hoog · 67/100
Niet toegestaan
ChatGPT
Hoog · 62/100
Toegestaan
Perplexity
Middel · 55/100
Nog geen besluit
HeyGen
Middel · 53/100
Nog geen besluit

Elke tool, beoordeeld op risico

Meer dan 1.000 AI-tools, elk met een risiconiveau van Laag tot Kritiek. Niets is vooraf goedgekeurd of geblokkeerd: dat gebeurt pas als iemand een besluit neemt.

Meer over AI Governance

BeeSensible koppelt een catalogus van AI-tools aan het gebruik dat het in de organisatie ziet. De organisatie bepaalt per tool de status, en alles begint op "Nog geen besluit". Wie een tool opent waarover iets is besloten, ziet dat besluit in de browser. De cijfers over wat er daarna gebeurt, bevatten geen gebruikers-id. Hoe dat werkt, lees je op de pagina over AI-tools.

Wat leg je vast?

Geen certificaat. Per rol: wat deze groep moest weten, welke uitleg ze kreeg en wanneer, en welk besluit per tool daarbij hoorde. De Europese Commissie bevestigt in haar vragen en antwoorden over artikel 4 dat je het zelf mag vastleggen; het stuk over AI-geletterdheid waarnaar we bovenaan verwijzen, linkt ernaar. Voeg daar de geaggregeerde cijfers over meldingen en markeringen aan toe, dan heb je ook iets te zeggen over de weken na de uitleg. Welke drie soorten bewijs een auditor naast elkaar wil zien, staat in ons artikel over hoe je AI-geletterdheid aantoont; meer over dit onderwerp vind je bij AI-governance.

De uitnodiging voor twee uur hoeft niet weg. Maar de teamleider stuurt hem terug met een vraag: welke drie groepen zitten er in onze organisatie, en wat krijgt elke groep mee dat ze volgende week nog kan terugvinden?

FAQ

Veelgestelde vragen

Is een AI-training verplicht onder de AI-verordening?

Een training in die vorm niet. Artikel 4 vraagt om maatregelen voor een toereikend niveau van AI-geletterdheid, afgestemd op de rol en de context. Een training kan zo'n maatregel zijn, maar een korte uitleg, een instructie per systeem of een werkoverleg over wat wel en niet in een prompt hoort, telt ook. De wet noemt geen cursus, certificaat of aantal uren.

Geldt AI-geletterdheid ook voor medewerkers die geen AI gebruiken?

Artikel 4 gaat over de mensen die namens de organisatie AI-systemen bedienen en gebruiken. Wie dat niet doet, valt er in strikte zin buiten. In de praktijk gebruikt een groot deel van de organisatie wel iets waar AI in zit, vaak zonder het zo te noemen. Een korte basisuitleg voor iedereen is dan de eenvoudigste manier om dat af te dekken.

Moeten inhuurkrachten ook een uitleg krijgen?

Ja, als ze met de AI-systemen van de organisatie werken. Artikel 4 spreekt over personeel en andere personen die namens de organisatie AI-systemen gebruiken. Een interimmer of een leverancier die met jullie tools werkt, valt daaronder. Dezelfde korte uitleg over toegestane tools en gegevens volstaat meestal.

Hoe vaak moet je de uitleg herhalen?

Daar zegt artikel 4 niets over. Een goede aanleiding is een verandering: een nieuwe tool die wordt toegestaan, een nieuw besluit over een bestaande tool of een nieuwe rol. Een korte opfrisser in het werkoverleg bij zo'n verandering werkt vaak beter dan een vaste jaarlijkse cursus.

Hoe leg je zonder certificaat vast wat medewerkers hebben gekregen?

Per rol: wat deze groep moest weten, welke uitleg ze kreeg en wanneer, en welk besluit per tool daarbij hoorde. De Europese Commissie bevestigt in haar vragen en antwoorden over artikel 4 dat je het zelf mag vastleggen. Voeg daar de cijfers aan toe over wat er tijdens het werk gebeurt, dan kun je ook iets zeggen over de weken na de uitleg.

Portret van Rens Timmermans van BeeSensible

Liever iemand die het laat zien?

Rens, BeeSensible

Ik geef je graag een rondleiding van twintig minuten. Laat je gegevens achter, dan zoek ik een moment dat jou uitkomt. Bellen of mailen mag natuurlijk ook.

Liever eerst even overleggen?

Wil je een live demo, of een offerte voor 100+ gebruikers? Laat je gegevens achter, dan nemen we binnen één werkdag contact op.